Magento Commerce

Stel de juiste doelen

Het stellen van de juiste doelen is belangrijk voor de uitvoering van effectieve trainingen. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat het stellen van doelen leidt tot betere resultaten. Het uitgangspunt is dat wanneer je jezelf een doel stelt, je meer je best gaat doen om dat doel te bereiken.

Redenen om doelen te stellen
Het stellen van doelen werkt motiverend, je probeert een doel te bereiken. Een ander aspect van het stellen van doelen is, dat je je aandacht richt op het bereiken van het gestelde doel. Hierdoor ben je veel minder bezig met zaken, die niet belangrijk zijn voor het behalen van het doel, je verspilt dus minder energie aan irrelevante zaken. Zeker niet onbelangrijk is dat het stellen van doelen voor feedback zorgt, je kunt je gestelde doelen vergelijken met geleverde prestaties. Er kan daarnaast ook gekeken worden of de gewenste vorderingen gemaakt zijn. En tenslotte is een ander bijkomend voordeel, dat je door het bereiken van doelen ook een moment hebt om stil te staan met wat je behaald hebt. Het bereiken van een doel is een moment waarop je tevreden over jezelf mag zijn. Geniet daarvan!

Verschillende doelen
Er kunnen verschillende soorten doelen gesteld worden. Er kunnen doelen gesteld worden die gericht zijn op resultaat, zoals bijvoorbeeld het winnen van een wedstrijd of het doel om de grootste biceps van je vriendengroep te hebben (resultaatdoelen). Daarnaast zijn er doelen die gericht zijn op je eigen prestatie, zoals een PR in tijd of afstand (prestatiedoelen). Ook kan de uitvoering van bepaalde handelingen, zoals het uitvoeren van een bepaalde oefening als doel gesteld worden (procesdoelen).
De meeste mensen zijn gewend om resultaatsdoelen of prestatiedoelen te stellen, maar procesdoelen blijken effectiever te zijn. Voor het bereiken van resultaatdoelen ben je namelijk in principe afhankelijk van anderen (tegenstanders/medespelers). Daarnaast zijn resultaatdoelen afhankelijk van de prestatiedoelen en die zijn weer afhankelijk van de procesdoelen. Staar je dus niet blind op je trainingsmaatje, die zonder problemen 100 kilo kan bankdrukken, maar stel je bijvoorbeeld ten doel om de volgende training een bankdrukoefening correct uit te voeren.

Doelen met verschillende termijnen
Er zijn verschillende termijnen waarop je doelen kunt stellen. Het volgende onderscheid wordt gemaakt: droomdoelen, lange termijn doelen en korte termijn doelen en onmiddellijke doelen.

Soort doelTijdVoorbeeld
DroomdoelEen aantal jaren"Ik wil eruit zien als een bodybuilder"
Lange termijn doel3 tot 6 maanden"Ik wil 2,5kg aan spiermassa opbouwen"
Korte termijn doelWeek tot een maand"Ik wil een maand lang twee steptrainingen per week doen"
Onmiddelijk doelDe eerstvolgende training"Ik wil deze training het aantal sit-ups met 10 keer verhogen"

Het meest effectief is om korte termijn doelen te stellen met deadlines. De lange termijn doelen kunnen namelijk vaak opgedeeld worden in meerdere korte termijn doelen. Een makkelijke manier om dit te begrijpen is om een trap te visualiseren. De bovenste trede van de trap representeert het lange termijn doel. Elke traptrede representeert een korte termijn doel. Je klimt van trede naar trede om daardoor uiteindelijk boven te komen en je lange termijn doel te bereiken. Zo geldt dit ook voor het stellen van doelen voor trainingen.

Doelen stellen
Hoe stel ik de juiste doelen? Doelen stellen is het proces van het selecteren van zaken die je wilt bereiken. Een doel is iets wat je bewust nastreeft. Om meer inzicht te krijgen in welke doelen je wilt stellen en op wat voor manier je ze wilt bereiken kun je een aantal vragen stellen:

- wat wil je bereiken?
- wat gebeurt er nu?
- wat zou je kunnen doen?

Je doel is iets wat je echt zelf wilt, het is iets wat jij wilt bereiken. Door zelf iets te willen onderscheid je je doelen van normen/verplichtingen of van doelen die door anderen zijn opgedragen. Raadzaam is het ook om je doelen op te schrijven en ze herhaaldelijk te lezen.

Doelen controleren
Indien je jezelf een doel hebt gesteld, kun je nagaan of dit doel wel juist is. Er bestaan een aantal standaard vragen (het SMART-principe), waardoor je kunt controleren of je wel de juiste doelen stelt.

- Is het doel specifiek?
- Is het doel meetbaar?
- Is het doel acceptabel?
- Is het doel realistisch?
- Is het doel tijdgebonden?

Een doel stellen als "ik ga mijn best doen om mijn conditie te verbeteren" is een vaag en een moeilijk nastreefbaar doel. Het is beter om bijvoorbeeld als doel te stellen: "Twee keer per week 30 minuten op de stairclimber trainen". Dit doel is meetbaar. Omdat het doel meetbaar is, is het te evalueren. Je kunt het beste doelen stellen die je dus kunt meten in bijv. tijd, kg., afstand of percentages. Stel data vast waarop je de doelen uitgevoerd moet hebben, zoals in het voorbeeld. Stel ook niet teveel doelen in te weinig tijd. Het kan zijn dat je je aandacht dan richt op teveel zaken tegelijk.
Zorg dat je doelen je blijvend gemotiveerd houden. Stel je doelen niet te laag, want dat is geen uitdaging. Maar aan de andere kant, leg de lat ook niet te hoog, want dit kan frustrerend werken. Nog een laatste tip: stel doelen samen met iemand anders op of informeer anderen wat je doelen zijn. Dit kan je trainer, je vriend/vriendin of je trainingsmaatje zijn. De toewijding aan het doel wordt dan veel groter.

Blijf gemotiveerd!

Eén van de vier trainingspijlers van de Integrale trainingsvisie is motivatie. Vooruitgang is de grootste motivatie om te blijven trainen. Toch zal het soms tegen zitten en kunnen de resultaten tegenvallen. Om toch te zorgen dat je je trainingsprogramma blijft volhouden volgen hier wat strategieën.

Train met anderen
Door te trainen met anderen blijf je gemotiveerd. Naast het feit dat het gezelliger is om in een groep te trainen, kan samen trainen voor een stok achter de deur zorgen. Het zorgt ervoor dat je naar de sportschool of het fitnesscentrum gaat, al is het alleen maar omdat je nu eenmaal hebt afgesproken. Thuis op de bank blijven hangen is er nu niet bij, want je trainingsmaat staat op je te wachten. Daarnaast kan samen trainen leiden tot betere resultaten, omdat je elkaar kunt stimuleren. Bijvoorbeeld "het spotten" tijdens gewichtentrainingen, dit is een goede manier om iemand te stimuleren tot betere resultaten. Een overleg met je trainer over je trainingsprogramma stimuleert je ook tot betere resultaten. Daarnaast kan het samen trainen leiden tot competitief gedrag, en dit zorgt zeker voor betere resultaten. Je wilt natuurlijk niet minder presteren dan je trainingspartner.

Motivatie zit van binnen
De motivatie van een persoon zijn de beweegredenen, die iemand aanzetten tot (of het behouden van) bepaalde activiteiten. De uitvoering van deze activiteiten zorgen ervoor dat één of meerdere gestelde doelen worden gerealiseerd. Motivatie kan intrinsiek of extrinsiek zijn. Iemand die traint omdat hij het leuk vindt is voornamelijk intrinsiek gemotiveerd. De motieven liggen binnen een persoon en komen voort uit enthousiasme, interesse en plezier met het trainen. Wanneer iemand extrinsiek gemotiveerd is liggen de motieven voor het bereiken van een taak buiten de persoon. Het kan zijn dat er prijzen te winnen zijn of geld om iets te bereiken. Vaak kan iemand anders je ook opleggen om iets te doen. Het is gebleken dat wanneer je vanuit jezelf gemotiveerd wordt om bepaalde doelen te halen dat dit op de lange termijn beter werkt. Wanneer iemand anders je heeft opgedragen om bijvoorbeeld af te vallen, dan zal je eerder opgeven dan wanneer je dit zelf wilt. Zoals ook eerder in Stel de juiste doelen is aangegeven, is het daarom van belang dat je zelf je doelen opstelt.

Wees flexibel
Door het opstellen van vervangende doelen, heb je toch een grote kans om iets te bereiken. Wees dus flexibel met het stellen van doelen en pas ze indien nodig aan. Er bestaat ook altijd de kans dat er een keer iets onverwachts gebeurt. Maar geef dan niet op. Je kunt je zelf als doel gesteld te hebben om een lager lichaamsvetpercentage te hebben en meer spieren. Maar stel dat je binnen twee maanden je schouder geblesseerd hebt tijdens het deadliften. Dan betekent dit niet dat je meteen al je doelen aan de kant moet schuiven en voor de televisie kan gaan hangen. Je kunt je nu gaan focussen op oefeningen voor je beenspieren of op cardio-oefeningen waardoor je je lichaamsvet kwijtraakt. Daarnaast kun je hersteloefeningen voor je schouder . Voor onze serie “sterker worden met krachttraining” gaan wij voorzichtig aan de slag met de vraag als doel stellen.

Zorg voor afwisseling
Verveling is de slechtste motivator die er bestaat. Dag in dag uit dezelfde oefeningen, zorgt ervoor dat je mentaal uitgeblust raakt. Fitness hoeft echter niet saai te zijn. "Verandering van spijs doet eten". Dit principe heeft betrekking op verschillende aspecten. Allereerst moet er variatie zijn in omvang en intensiteit van je training. Zware en lichte dagen moeten elkaar afwisselen. Ook dient de aandacht afwisselend gelegd te worden op verschillende prestatierelevante eigenschappen. Afwisseling houd je ook gezond, het voortdurend herhalen van dezelfde bewegingen kan zorgen voor blessures. En blessures houden je nou niet bepaald gemotiveerd!

De trainingspijlers
Belangrijk voor training is dat het gaat om de samenhang van training, herstel, voeding en motivatie. Voortdurend leren en experimenteren met voeding, training en herstel werkt op zich al motiverend omdat je door voortdurende aanpassing van de verschillende elementen aan de nieuwe/bijgestelde trainingsdoelen leert dat je veel meer greep hebt op de trainingsresultaten dan gedacht. Het lezen van een boek over de trainingspijlers kan je ook meer inzicht geven over trainen, dit inzicht kun je stimuleren tot trainen. Verkeerd gebruik van één van deze trainingspijlers kan al leiden tot demotivatie: te weinig of onvoldoende uitgekiende voeding kunnen je energie en je vooruitgang belemmeren, wat behoorlijk frustrerend kan werken. Ook onvoldoende herstel kan je in een dal doen belanden.

Het trainingslogboek
Van belang is dat je je doelen opschrijft, het is erg makkelijk om je doelen te vergeten. Indien je herhaaldelijk je doelstellingen leest, blijf je gemotiveerd. Door je doelen op te schrijven kun je natuurlijk ook je vooruitgang in de gaten houden. Een mogelijkheid hiervoor is het bijhouden van een trainingslogboek. Door het maken van een trainingslogboek kun je bijhouden of je doelen realistisch zijn, daarbij geeft het een inzicht in je trainingsgewoontes. Op deze manier kun je mooi aan het eind van iedere maand kijken, wat je allemaal hebt gedaan. Schrijf in je logboek op welke oefening je hebt gedaan, het aantal set en reps, en met welke intensiteit. Zorg ervoor dat je een dag en een datum noteert, dan kun je precies zien hoe vaak je per week hebt getraind en wat je vooruitgang is. Eventueel kun je ook een onderdeel bijzonderheden aan het logboek toevoegen, zodat je kunt noteren of je bijvoorbeeld een blessure hebt gehad.

Integrale trainingsvisie

Als sporters vragen hoe ze moeten trainen om meer spiermassa, minder vetmassa, een scherpere spierdefinitie, een betere conditie en/of een betere gezondheid te krijgen dan houdt het verhaal meestal niet op met trainen alleen. Om je doelen te halen komt naast training ook voeding, herstel, motivatie en evt. supplementen aan bod. Je kunt ze niet los van elkaar zien, want ze hangen juist sterk met elkaar samen. Als je slecht eet dan kun je trainen wat je wilt, maar dan zul je nooit een hoog rendement behalen. Je kunt je voeding tiptop in orde hebben, maar als je niet hard traint en te weinig rust neemt behaal je geen of onvoldoende resultaten. Ook hier geldt dat het geheel meer is dan de som der delen.

Aanleg
Natuurlijk begint het allemaal bij je genetische eigenschappen, je aanleg. Het potentieel wat je van je ouders meekrijgt. Die bepalen natuurlijk voor een groot deel je mogelijkheden en beperkingen. Je genen kun je niet beïnvloeden, maar dat wil niet zeggen dat je je lijf niet kunt veranderen. De belangrijkste te beïnvloeden factoren zijn: training, herstel, voeding (inclusief voedingssuppletie) en motivatie. Deze vier hangen sterk met elkaar samen. Natural bodybuilding goeroe Hans Kroon noemt het de geïntegreerde visie op trainen. Hieronder in een plaatje gesymboliseerd.

training, herstel, voeding en motivatie

Meerdere wegen naar Rome
De methoden en technieken die we bij Work Out bespreken hebben hun sporen verdiend in de bewegingswetenschappen, fitness en bodybuilding, alhoewel er over sommige principes nog steeds verhitte debatten gevoerd worden. Eén van die discussies draait om de vraag of je nu juist veel oefeningen en herhalingen of reps moet maken met een gemiddeld gewicht (volume) of weinig reps met een maximaal gewicht (intensiteit). Wij adviseren niet al te veel energie aan zulke discussies te besteden, want de vraagstelling deugt niet. De verhouding volume/intensiteit zal per persoon, periode en programma wisselen. Onthoud dat er nu eenmaal meerdere wegen naar Rome zijn. Hou wel de basisprincipes in de gaten.

Voor onze serie “sterker worden met krachttraining” gaan wij voorzichtig aan de slag met de vraag als doel:

Hoe krijg je een platte buik?
Buikspieroefeningen en lifestyletips

Bijna elke vrouw ( en man) droomt van een mooie, platte buik. Met wilskracht en doorzettingsvermogen krijg je dat voor elkaar. Onderstaande oefeningen en lifestyletips helpen je op weg!

1. Verbeter je figuur (oefening)
Ga rechtop staan. Zorg ervoor dat je oren, schouders, heupen en knieën in dezelfde lijn staan. Trek je schouders naar achter en houd je buik in. Belangrijk is je gewicht te verdelen over je hakken en voorvoeten.

2. Oefen je hele lichaam (oefening)
Denk eraan om naast je buikspieren ook je andere basisspieren te versterken, zoals je rugspieren.

3. Doe de 'Canoe Twist' (oefening)
Sta rechtop, zet je voeten uit elkaar en haak de vingers van beide handen in elkaar voor een stevige greep. Adem uit en zwaai de in elkaar gehaakte handen, armen en schouders naar links. Vergelijk het met het roeien in een kano. Trek gelijktijdig je linkerknie op en beweeg de knie naar rechts. Adem in en ga terug naar de beginpositie. Adem uit en doe de oefening naar rechts. Wissel weer af naar links enzovoorts. Herhaal de oefening 20 keer.

4. Doe de 'Cat Kick' (oefening)
Zet je voeten bij elkaar en spreid je armen als vliegtuigvleugels. Adem uit en beweeg je rechterbeen voorwaarts en omhoog. Zwaai gelijktijdig je armen naar voren tot aan schouderhoogte en rond je rug als een kat. Het voelt alsof je navel naar je ruggengraat getrokken wordt. Adem in, open je armen en ga terug naar de beginpositie. Herhaal de oefening met je linkerbeen. Wissel weer af met je rechterbeen enzovoorts. Herhaal de oefening 20 keer.

5. Doe de 'Pilates Zip Up' (oefening)
Sta rechtop met je hakken bij elkaar, de tenen/voorvoet licht naar buiten. Breng je armen omhoog, handen in elkaar en leg ze onder je kin. Adem uit en druk je armen naar beneden. Zorg ervoor dat je handen en armen dicht bij het lichaam blijven. Til gelijktijdig je hakken van de grond en ga op je voorvoeten staan. Houd deze stand 2 seconden vast. Adem in en ga terug naar de beginpositie. Herhaal de oefening 20 keer.

6. Let op wat je eet (lifestyle)
Je kunt buikspieroefeningen doen totdat je een ons weegt, maar als je extra buikvet hebt, worden de buikspieren niet zichtbaar. Wil je van je buikvet af, dan moet je goed letten op wat je eet (s. tips “pas je eetpatroon an”) en hoe actief je bent. Eet dus minder en beweeg meer.

7. Hulpmiddelen zijn niet per se nodig (lifestyle)
Om een platte buik te krijgen, heb je geen hulpmiddelen nodig. Je kunt in het dagelijks leven je buikspieren trainen, bijvoorbeeld tijdens een wandeling of als je in de rij staat bij de kassa. Terwijl je rechtop staat, adem je uit en trek je je navel naar je ruggengraat.

8. Stel realistische doelen (lifestyle)
Je figuur is onder andere afhankelijk van je genen. Maar gebruik dit niet als excuus om op te geven of een 'graai' in de koektrommel te doen. Wees realistisch en vermijd een ideaalbeeld. Beyoncé's platte buik mag je motiveren, maar verwacht niet dat je haar kunt evenaren.

9. Doe het rustig aan (lifestyle)
Je krijgt niet één twee drie een platte buik, ook al beloven reclames je van alles. Werk langzaam en bestendig aan een platte buik en houd rekening met een terugval of zelfs frustratie. Doorzettingsvermogen, wilskracht en tijd zullen je belonen!

Pas je eetpatroon aan!
10 eetpatroontips

Gewicht verliezen is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Als je wilt afvallen, dan zul je je eetpatroon moeten veranderen. Blijvend je overtollig kilo's kwijtraken, bereik je niet met een tijdelijk dieet. Je valt weliswaar af, maar je komt net zo goed weer aan, wanneer je in je oude eetpatroon terugvalt.

Tip 1
Eet zo min mogelijk twee uur voor het slapengaan. Je lichaam verteert en verbrandt namelijk niet veel meer 's avonds.

Tip 2
Eet veel groente, zowel rauw en gekookt als kort gebakken. Laat de groente in ieder geval niet stuk koken, want dan zijn alle vitamines er uit.

Tip 3
Eet volkerenproducten, want deze vezels zetten je lichaam aan tot verteren. Door aanwezigheid van (tarwe)korrels wordt niet alleen het vezelgehalte van het brood verhoogd, maar door het taaie vlies rond de tarwekorrel wordt glucoseomzetting ook nog eens verlaagd.

Tip 4
Eet vis. Vis is enorm gezond en bevat veel minder calorieën dan (rood) vlees. Over het algemeen wordt aangeraden twee keer per week vis te eten. Vettige vissoorten, zoals makreel, zalm, haring of heilbot, zorgen voor meervoudig onverzadigde vetzuren, die de hoeveelheid verzadigde vetzuren verlagen.

Tip 5
Wil je chocola eten, ga dan voor pure chocolade. Hierin zit het minste suiker.

Tip 6
Drink tenminste één liter water per dag, maar meer mag natuurlijk altijd. Maak het echter niet te gek. Water lijkt onschuldig, maar als je liters per dag binnenkrijgt, weet je lichaam ook niet meer wat het daarmee aan moet en ga je alleen maar onnodig vaak naar het toilet.

Tip 7
Let op de GI-waarde (Glycemische Index) van het voedsel dat je eet. Voedsel met een hoge GI-waarde, zoals donuts, popcorn, gebakken aardappelen, witbrood en wafels, verteert snel. Voedsel met een lage GI-waarde, zoals noten, pitten, chocolade, eiermie en volkorenbrood, verteert langzaam. Wanneer je producten met een hoge GI-waarde eet, zal dit snel door je lichaam verteerd worden en heb je dus snel weer honger, wat vaak weer leidt tot snoepen. Probeer je dus een beetje op de voeding met een lage GI-waarde te richten.

Tip 8
Drink zo min mogelijk frisdank en als je echt niet zonder kunt, stap dan over op de light-varianten (al zijn deze ook niet echt goed voor je). Je hebt namelijk geen idee hoe ongezoete cola smaakt en hoeveel suiker hierin moet om het lekker te laten smaken.

Tip 9
Sla je ontbijt niet over! Onderzoek heeft uitgewezen dat mensen die goed ontbijten meer voedingsstoffen consumeren en minder zwaar zijn dan mensen die het ontbijt overslaan. Tijdens het ontbijten stijgt je bloedsuikerspiegel en krijg je halverwege de dag minder trek in snoep en andere tussendoortjes, plus dat je spijsvertering vroeg op de dag al op gang komt, wat bevorderlijk is om af te vallen.

Tip 10
Eet dagelijks twee stuks fruit. (Vers) geperst sap mag natuurlijk ook, want dat komt, mits ongezoet, op hetzelfde neer.

De drie beste afslanksupplementen

Wanneer je alle ‘revolutionaire’ en niet effectieve afslankmiddelen overboord hebt gegooid, blijven er een paar supplementen over die van nut kunnen zijn. Goed onderzocht, werkzaam en bij normaal gebruik ook veilig. Hieronder enkele ‘gouwe ouwen’.

Eiwitpreparaten
De doorsnee-Nederlander haalt 15 procent van zijn energie uit eiwitten. Afvallen gaat op alle fronten beter als je daarboven gaat zitten. Je hebt minder trek, je voelt je beter, je verbrandt door de thermogene werking van eiwitten meer calorieën en je houdt makkelijker spiermassa vast. We hebben al eerder over de positieve effecten van een hogere eiwitinname geschreven, en doen dat nu nog eens dunnetjes over.
Britse onderzoekers publiceerden bijvoorbeeld nog niet zo lang geleden een studie waarin ze twintig jonge bodybuilders dagelijks maar 60 procent van de calorieën lieten eten die ze nodig hadden. De ene groep kreeg dagelijks per kilo lichaamsgewicht 1 gram eiwit binnen, de andere 2.3 gram. Toen er 2 weken voorbij waren, hadden de bodybuilders met een gewone eiwitinname anderhalve kilo spiermassa verloren. De bodybuilders met de hoge eiwitinname hadden praktisch al hun spiermassa vastgehouden. Dan ben je toch blij dat je blender niet op miraculeuze wijze is verdwenen, zoals dat onlangs bij Jan Smit zou zijn gebeurd.

Cafeïne
Veel werkzame afslanksupplementen werken maar een beetje. Ze jagen het dagelijkse energieverbruik op met hoogstens enkele tientallen kilocalorieën per dag. Het werkzame bestanddeel in die producten is het oude vertrouwde cafeïne. Neem je 50 mg, dan verbrand je volgens een Deense studie uit 2007 gedurende 4 uur 17 kcal extra. Met spotgoedkope cafeïnetabletjes kun je dus je energieverbruik ietsepietsie opkrikken en wat sneller afslanken. Doseringen zijn voor iedereen anders. Het probleem met cafeïne is dat je lichaam er snel aan is gewend, en je via koffie, thee, cola’s en energiedrankjes waarschijnlijk genoeg cafeïne binnenkrijgt om een zekere gewenning op te bouwen. Aan de andere kant werkt synthetische cafeïne vaak sterker dan cafeïne in voedingsmiddelen. Gewoon proberen dus, en een zo laag mogelijke dosis zoeken waarbij je merkt dat je stofwisseling een beetje omhoog gaat maar waarbij je je nog wel goed voelt. Als je gaat afvallen met het allergoedkoopste afslanksupplement op de markt, bedenk dan wel dat je cafeïne ook kunt overdoseren. Je vindt in de literatuur gevalsbeschrijvingen van bodybuilders die zich na een overdosis cafeïne hebben moeten laten opnemen. De meest gevoelige mensen kunnen al vergiftigingsverschijnselen krijgen bij een dagelijkse inname van 800 mg cafeïne, de hoeveelheid van drie, vier koppen koffie. Een tip: neem na 16.00 uur geen cafeïnepillen meer. Beter voor de nachtrust en je spieren zullen je er dankbaar voor zijn.

Groene thee
In groene thee zitten flavonoïden als EGCG. Flavonoïden versterken de werking van cafeïne. Cafeïne maakt cellen gevoeliger voor vetverbrandende hormonen als adrenaline. De flavonoïden in groene thee remmen de afbraak van adrenaline. Metastudies lijken te bevestigen dat je iets sneller afvalt als je EGCG slikt in combinatie met cafeïne dan wanneer je alleen cafeïne gebruikt. In 2005 verscheen een Canadese studie die je een idee geeft van wat je van de combinatie van cafeïne en groene thee maximaal mag verwachten. In dat onderzoek, dat overigens door een supplementenmaker is betaald, verbrandden proefpersonen die dagelijks 600 mg cafeïne en 600 mg EGCG slikten 170 kcal extra.

Mocht je gaan experimenteren met groene thee, zorg er dan voor je dat je supplementen niet met eiwitten inneemt maar een klein uur voor een eiwitrijke maaltijd gebruikt. Eiwitten – en dan vooral eiwitten uit zuivel – neutraliseren de actieve stoffen in groene thee, ontdekten Maastrichtse onderzoekers niet zo lang geleden.

Onze serie “sterker worden met krachttraining” gaat verder in juli 2010 met onderwerp:

Van spiervezels tot spiergroep

Niet alle spieren zijn gelijk geschapen. Er wordt onderscheid gemaakt tussen glad spierweefsel (spieren in de spijsverteringsorganen, bloedvaten) en